Inschrijven

Stedelijk Toelatingsbeleid

Het Stedelijk Toelatingsbeleid houdt in dat er één systeem is waarmee kinderen in Amsterdam aangemeld en geplaatst kunnen worden op ruim 200 Amsterdamse basisscholen. Ouders kunnen zich in één keer aanmelden bij verschillende basisscholen.

De gemeenten Amsterdam heeft een folder samengesteld met algemene informatie over het starten met primair onderwijs. Download hier de Nederlandse of Engelse versie van de folder.

Voor wie geldt het Stedelijk Toelatingsbeleid?
Vanaf het schooljaar 2014/2015 start het Stedelijk Toelatingsbeleid. Dit betekent dat kinderen die geboren zijn op of na 1 juli 2011 onder dit beleid vallen.

Als een kind vier jaar is, kan het naar de basisschool. Sinds enkele jaren zijn de basisscholen in Amsterdam overgegaan op een stadsbreed gelijk toelatingsbeleid. Dit betekent dat het aanmelden voor de basisschool en het toedelen van de plaatsen op alle deelnemende scholen volgens dezelfde regels gebeurt.

Aanmelden voor de basisschool

Rond de derde verjaardag van uw kind ontvangt u van de gemeente Amsterdam het aanmeldformulier voor de basisschool en een brochure met uitleg over het toelatingbeleid.

U kunt uw kind alleen aanmelden door dit aanmeldformulier voor de basisschool in te leveren bij de school van uw eerste voorkeur.

Wij organiseren regelmatig rondleidingen. Heeft u hierin interesse? U kunt zich telefonisch of per mail opgeven bij de administratie (info@winterkoninkje.nl)

Voorrangsscholen
Elk kind heeft voorrang op de acht dichtstbijzijnde (deelnemende) basisscholen in de buurt. Deze voorrang wordt bepaald door de loopafstand tussen het woonadres van uw kind en de school. Wanneer u op Amsterdam.nl/schoolwijzer postcode en huisnummer van het officiële woonadres én de geboortedatum van uw kind invult, kunt u zien of uw kind voorrang heeft op onze school.

Wat moet u doenAls onze school uw eerste voorkeur is, verzoeken wij u het aanmeldformulier (geen kopie of scan) bij ons in te leveren.

  • Vul het aanmeldformulier volledig in en onderteken het (vergeet telefoonnummer en e-mailadres niet).
  • Op het aanmeldformulier staan naam, geboortedatum en woonadres van uw kind voorgedrukt. Controleer of deze gegevens correct zijn en corrigeer het indien noodzakelijk.
  • Vul in volgorde van voorkeur minimaal vijf basisscholen in. De school van uw eerste voorkeur, zet u op nummer 1, daarna 2, enzovoort; dit kunnen zowel voorrangsscholen als niet- voorrangsscholen zijn.
  • Let op: Ook wanneer al een ouder broertje of zusje op de school zit, is het noodzakelijk dat u het aanmeldformulier bij ons inlevert. In dit geval is het niet nodig om meerdere voorkeuren op te geven.
  • Ook voor een kind dat naar de voorschool van de school gaat, moet het aanmeldformulier ingeleverd worden.
  • Zodra wij uw aanmeldformulier hebben verwerkt, sturen wij u (per post/mail) een bewijs van aanmelding.
  • Controleer dit bewijs van aanmelding zorgvuldig en neem z.s.m. contact met ons op indien de gegevens niet correct zijn.

In sommige gevallen is het nodig bij de aanmelding schriftelijke bewijsstukken te tonen.

Dit geldt in de volgende situaties:

  1. uw kind heeft een VVE-ja-indicatie;
  2. uw kind zit op een IKC;
  3. de voorgedrukte gegevens op het aanmeldformulier zijn niet correct;
  4. u gebruikt een aanmeldformulier zonder voorgedrukte persoonsgegevens van uw kind (blanco formulier).

Aanmeldformulier kwijt?

Wanneer u geen aanmeldformulier heeft, kunt u dit downloaden van de website van de schoolbesturen:  bboamsterdam.nl Ook kunt u dit aanmeldformulier op onze school krijgen. Neem in dit geval altijd een adresbewijs (zoals een uittreksel van het bevolkingsregister of een huur- of koopcontract) mee, zodat wij de adres- en persoonsgegevens van uw kind kunnen controleren.

 Inleverdata voor het aanmeldformulier

De uiterste data voor het inleveren van het aanmeldformulier zijn voor:

  • kinderen geboren tussen 1 mei en 31 augustus 2014:                    1 november 2017
  • kinderen geboren tussen 1 september en 31 december 2014:      2 maart 2018
  • kinderen geboren tussen 1 januari en 30 april 2015:                       1 juni 2018
  • kinderen geboren tussen 1 mei en 31 augustus 2015:                    2 november 2018

Een plaats op de basisschool

Aansluitend aan de inleverdatum wordt in maart, juni en november, onder verantwoordelijkheid van de schoolbesturen, een plaatsing van alle aangemelde kinderen geautomatiseerd verricht. Elk kind heeft hierbij onder gelijke omstandigheden een gelijke kans op een plaats. Het doel is kinderen een plek te geven op de hoogst mogelijke school van voorkeur.

Als er voldoende plaatsen op een school zijn, worden alle kinderen op de school van aanmelding geplaatst.
Bij ongeveer 90% van de Amsterdamse scholen is dit het geval.

Wanneer er op een school meer aanmeldingen zijn dan plaatsen, is loten noodzakelijk. Uw kind loot dan mee in de door u opgegeven volgorde van scholen. Eerst worden de kinderen met voorrang geplaatst. Daarna komen de overige aanmeldingen aan bod. Wanneer uw kind op onze school wordt uitgeloot, komt het in aanmerking voor de volgende door u opgegeven voorkeurschool/-scholen.

Bij de plaatsing worden in volgorde de volgende voorrangsregels toegepast:

  1. Op het moment dat het aangemelde kind 4 jaar wordt, zit er een ouder broertje of zusje op de school van eerste voorkeur (kind heeft een plaatsgarantie).
  2. Het kind heeft een VVE ja-indicatie, gaat tenminste 8 maanden 4 dagdelen per week naar de voorschool die bij de school is aangesloten én heeft de school als voorrangsschool;
  3. Het kind zit tenminste 8 maanden 4 dagdelen per week op een Integraal Kindcentrum (IKC) waar de school onderdeel van uitmaakt én heeft de school als voorrangsschool;
  4. De ouder van het kind heeft op de school een dienstverband voor onbepaalde tijd;
  5. Het kind heeft de school als voorrangsschool.

Inschrijven

Als u uw kind op tijd heeft aangemeld, ontvangt u circa twee weken na de uiterste inleverdatum bericht van de school waar uw kind geplaatst kan worden. Wanneer u van deze (gereserveerde) plaats gebruik wilt maken, moet u dit vóór de in deze brief genoemde datum aan de school kenbaar maken.
Pas daarna is uw inschrijving definitief en bent u verzekerd van de plaats op de school waar u de brief van heeft ontvangen.

Meer informatie

Voor vragen over het toelatingsbeleid kunt u ook terecht bij de helpdesk van het BBO (de gezamenlijke schoolbesturen) tel. 020-251 8006 of toelatingsbeleid@bboamsterdam.nl
Op de website van het BBO bboamsterdam.nl vindt u ook meer informatie over o.a. de beschikbare capaciteit en de resultaten  van de afgelopen plaatsingen.

Plaatsing van leerlingen ouder dan vier jaar

Kinderen die op het moment van aanmelding ouder dan vier jaar zijn moeten bij de directie van de school aangemeld worden. Er wordt in dat geval gekeken of er getalsmatig plaats is. Bij een aanmelding van een leerling van een andere school bijvoorbeeld na een verhuizing, vindt vervolgens een gesprek plaats tussen de directeur en de ouders. Daarna wordt er contact opgenomen met de school van herkomst.

Gegevens over het functioneren van het kind worden uitgewisseld zoals een overzicht van het leerlingvolgsysteem en een uitgebreid onderwijskundig verslag. Op deze manier proberen we zo zorgvuldig mogelijk te kijken in welke groep de leerling het best geplaatst kan worden.

In principe worden alle leerlingen toegelaten tot onze school, tenzij de school niet kan voorzien in de specifieke behoeften van het kind. Het kan voorkomen dat er sprake is van uitzonderlijke en/of zware problematiek waarvoor wij niet over de juiste begeleidingsmogelijkheden beschikken. Uitgangspunt bij plaatsing van een leerling is in de eerste plaats: kunnen we het kind de begeleiding bieden die het nodig heeft.

Bij de afweging voor plaatsing spelen nog meer factoren een rol. Er wordt onder andere gekeken naar de groepsgrootte, het aantal leerlingen met specifieke ondersteuningsbehoeften in een groep, de mogelijkheden van extra ondersteuning en individuele begeleiding, de omvang en aard van de ambulante begeleiding, de deskundigheid en inzet van de leerkrachten, de aanwezigheid van een remedial teacher, afstand en vervoer en mogelijkheden voor technische aanpassingen van school en klaslokaal. De grenzen aan wat we kunnen bieden, hebben we vastgelegd in een schoolondersteuningsprofiel.

Plaatsing van leerlingen met een handicap op onze school

Voor sommige kinderen die extra begeleiding nodig hadden, konden ouders voor 1 augustus 2014 een zogenaamde “rugzak” aanvragen. Dat betekende dat de school over geld kon beschikken om die extra begeleiding te regelen. Ouders van een kind met een rugzak hadden er recht op dat het geld alleen voor hun kind werd gebruikt. Na 1 augustus 2014 is deze manier van werken vervallen.

Ouders van kinderen met een rugzak hebben dan geen recht meer op een individueel budget voor hun kind. Scholen krijgen nu een vast bedrag om die extra begeleiding te kunnen verzorgen. Het voordeel is dat er geen tijdrovende aanvraagprocedures nodig zijn en het geld ook gebruikt kan worden voor kinderen die voorheen niet zo’n rugzak kregen, maar wel extra aandacht nodig hebben.

Door een overgangsbudget kunnen scholen nog minimaal over hetzelfde budget beschikken om voormalige rugzakkinderen te helpen. Alleen de kinderen met een visuele of auditieve beperking en kinderen met een spraak-taalstoornis kunnen nog wel zo’n eigen budget of “rugzak” krijgen.

Onderdeel van de nieuwe wet Passend Onderwijs is dat alle scholen een schoolondersteuningsprofiel hebben. In ons profiel geven we aan welke ondersteuning we kunnen bieden aan leerlingen met een zorgbehoefte. De schoolondersteuningsprofielen worden meegenomen in het ondersteuningsplan van het samenwerkingsverband. De MR heeft een adviesrecht over het schoolondersteuningsprofiel.

Overgang naar een volgende groep

Niet alle leerlingen ontwikkelen zich in een zelfde tempo. Sommige leerlingen hebben langere tijd nodig om zich bepaalde zaken eigen te maken en anderen hebben een voorsprong in de ontwikkeling. Het kan gaan om de sociaal-emotionele ontwikkeling, maar ook om de cognitieve ontwikkeling, de werkhouding en de concentratie. Daarom is het soms nodig dat een kind een jaar langer in een groep blijft.

Mocht een leerkracht vinden dat er sprake zou moeten zijn van onderwijstijdverlenging, dan gaat deze daar tijdig over in gesprek met ouders en intern begeleider. Dit gebeurt uiterlijk in mei. De uiteindelijke verantwoordelijkheid voor het besluit ligt bij de directeur.